Across
- 2. in dit gebouw kan je sporten
- 3. als mijn huisdier ziek is ga ik naar de ...
- 5. een groot grasveld met witte lijnen en twee goals op
- 9. afval breng je naar deze plaats
- 11. ik ben ziek en ga naar de ...
- 12. deze man knipt mijn haar
Down
- 1. ik koop de krant in de ...
- 4. winkel waar ze zowat alles hebben
- 6. vers brood, koffiekoeken en taarten koop ik in de ...
- 7. hier leer ik rekenen en lezen
- 8. ze bakken er lekkere frietjes
- 10. hoog gebouw midden in het dorp waar je kan bidden
