Across
- 3. Het onderwijsaanbod bestaat niet enkel uit losse aspecten, dit gaat over dingen die met mekaar verband houden. Wordt vooral verzekerd door planningsdocumenten en overleg. Kan verticaal of horizontaal zijn.
- 5. Het niveau dat de leerlingen beheersen voordat de leraar start met de les
- 7. een ander woord voor biotoop of omgeving (van de leerling)
- 8. We leren kinderen kijken naar de wereld vanuit verschillende invalshoeken, met diverse brillen. We willen dat ze veelzijdig op de wereld georiënteerd worden
- 9. Het meedelen van gegevens over kinderen, leerinhouden aan collega’s.
- 11. ………………………….Samenhang binnen één leerjaar. De integratie van verschillende vakken en/ of leergebieden.
- 12. De ………………….samenhang tussen verschillende leerjaren. Het gaat over de doorlopende lijn van een vak doorheen de schooljaren.
- 13. De prestaties van de leerlingen, meestal cijfergegevens, een ander woord voor opbrengsten en resultaten.
- 14. Binnen WO kiezen we niet eenzijdig voor klassikale groepen, individueel werk, groepswerk. We gebruiken dit flexibel.Maar hangt de keuze af van de activiteit die we aanbieden.
- 16. Het aanbod van Wo is niet vrijblijvend, we kiezen niet zomaar welke leerinhoud we zullen aanbieden.
- 18. We kiezen voor een gevarieerde aanpak. We maken bijvoorbeeld leeruitstappen, we nemen interviews af, we voeren kringgesprekken, we werken met ontdekdozen, we spelen een rollenspel of vertellen een verhaal
- 19. ...werken: Deze aanpak gebruiken we bij sommige leerinhouden. Vooral diegenen die een bepaalde volgorde vereisen. Daarbij werken we stapsgewijs.
Down
- 1. Een ander woord voor een voorstelling van de ruimte. We gebruiken het om inhouden van WO te kaderen in de ruimte. Ze moeten vooral functioneel zijn en worden binnen de school best opgebouwd volgens moeilijkheidsgraad.
- 2. ...vorming: alle domeinen van de persoonlijkheid van het kind worden zo optimaal mogelijk ontwikkeld, zonder dat het ene domein het andere verdringt of schaadt. Het tegenovergestelde van een harmonische vorming is een eenzijdige vormig, bijvoorbeeld enkel inzetten op de cognitieve vorming en niet op de psycho-motorische of dynamisch affectieve vorming.
- 4. ...onderwijs: De beleving van de kinderen staat centraal. Kinderen kunnen leren in realistische situaties. Bijvoorbeeld: bij de werking van een verwarmingsinstallatie, moeten de kinderen een echte verwarmingsinstallatie kunnen waarnemen.
- 6. Invalshoeken uit het leerplan WO. Ze hebben allemaal te maken met een aspect uit ons bestaan. We gebruiken het ook om het leerplan en de doelen te ordenen.
- 10. Kenmerken van leerlingen, hebben te maken met bijvoorbeeld thuismilieu, maar ook karakter, multiculturele afkomst, of voorkennis en interesses van leerlingen
- 15. Onthouden en opsommen van simpele kennis , van feitenkennis (bijvoorbeeld: WO I 1914-1918)
- 17. ...werken: We kiezen voor een geïntegreerde benadering in de klaspraktijk. Kinderen beleven de werkelijkheid ook niet in aparte vakken.
