Across
- 7. Wie wordt algemeen beschouwd als de grootste wiskundige van de oudheid en een van de grootste wiskundigen aller tijden?
- 9. deel van de wiskunde dat zich bezig houdt met de betrekkingen van grootheden, voorgesteld door symbolen, o.a. letters
- 10. Synoniem voor ruimtemeetkunde.
- 11. 1 ... is de grootte van een middelpuntshoek die staat op een cirkelboog waarvan de lengte gelijk is aan de straal van de cirkel.
- 13. Een as waar een kromme steeds dichterbij komt zonder die ooit te raken
- 14. Welke stelling geeft een verband tussen de lengte van de zijden van een rechthoekige driehoek ?
- 18. Hoe noemt men de methode om de oppervlakte van een gekromd figuur, zoals een cirkel, te benaderen?
- 19. Georg Ferdinant Ludwig staat bekend als de grondlegger van de moderne ......
- 21. Hoe noemt men cirkel met de oorsprong als middelpunt en 1 als straal?
- 24. Functie met voorschrift f(x)=0.
- 25. Synoniem voor wiskunde
Down
- 1. Vanwege wat wordt L.E.J Brouwer vooral herinnerd?
- 2. Hoe noemt een lijnstuk waarvan de eindpunten op de cirkel liggen?
- 3. Hoe noemt vergelijking waarin x² gelijk gesteld wordt aan y?
- 4. In de wiskunde en logica een niet bewezen, maar als grondslag aanvaarde bewering.
- 5. Rechthoekige, schematische tekening met getallen of symbolen
- 6. De stelling van ... luidt als volgt: 'een driehoek ingeschreven in een cirkel, en waarvan 1 zijde een middellijn van de cirkel vormt, is een rechthoekige driehoek'.
- 8. Het eerste volk dat zich met wiskunde bezig hield.
- 12. Hoe noemt men het assenstelsel waarin de assen loodrecht op elkaar staan en de eenheden op de x-as en op de y-as gelijk zijn?
- 15. Wie was de eerste persoon die een benadering van het getal pi heeft uitgerekend?
- 16. Wie was de eerste vrouw ter wereld met een doctorsgraad op het gebied van wiskunde?
- 17. Synoniem voor meetkunde
- 20. Door welke filosoof werd de x en de y, en het idee dat een vergelijking als y = 2x+4 een lijn voorstelt in de wiskunde ingevoerd?
- 22. Synoniem voor schuine zijde van rechthoekige driehoek.
- 23. Wie definieerde wiskunde als 'de wetenschap van de hoeveelheid'?
