Across
- 2. –Iets is tijdelijk goedkoper.
- 6. -Een klein plaatje of sticker dat je kunt sparen.
- 7. –Een machine die iets doet, zoals een telefoon of koffiezetapparaat.
- 9. -Een kleine vrucht waar vaak olie van wordt gemaakt.
- 12. -Een merk van een supermarkt of winkel zelf. Vaak goedkoper.
- 14. -Een geheime code van cijfers voor je bankpas.
- 16. –Geluk hebben.
- 19. –Afspraak dat een product gerepareerd of vervangen wordt als het kapot gaat.
- 21. -Een voorwerp waaruit je kunt drinken.
- 23. -Een groot aantal of veel van iets.
- 24. -Dunne stukjes aardappel die als snack worden gegeten.
- 26. -Hard materiaal dat van bomen komt.
- 28. -Een apparaat waarop je programma's en films kunt bekijken.
- 30. -Alle mensen.
- 31. –Informatie over iemand of iets.
Down
- 1. -Best goed, maar niet perfect.
- 3. -Een kleine eetbare vrucht, zoals een walnoot of amandel.
- 4. -Drinken dat gemaakt is van fruit of groenten.
- 5. -Een ruimte waar mensen eten en drinken kunnen kopen.
- 8. -Een les aan een hogeschool of universiteit.
- 10. –zoveel als nodig is. Niet teveel en niet te weinig.
- 11. -Een klein winkeltje waar je bijvoorbeeld snacks of kranten koopt.
- 13. –Geld bewaren om later te gebruiken.
- 15. -Schoon en goed verzorgd.
- 17. -Materiaal dat gemaakt wordt van dierenhuid.
- 18. -Een voorwerp dat stroom geeft aan een apparaat.
- 20. –Een bericht om iets te verkopen of bekend te maken.
- 22. -Iets dat je voor een lage prijs kunt kopen.
- 25. -Een voorwerp waarmee je muziek maakt.
- 27. –Eerder door iemand anders gebruikt.Niet meer nieuw.
- 29. -Een ronde vrucht met een oranje schil en zoet sap.
