Across
- 2. Iets waarmee je iets duidelijk maakt of iemand waarschuwt.
- 6. Als we klaar zijn met onze oefeningen moeten we ... werken van onze juf.
- 7. Als iemand heel erg boos is.
- 9. Er zijn vier windrichtingen: noorden, oosten, zuiden en ... .
- 11. Met dit toestel kan jouw mama al het stof opzuigen.
- 12. Mijn zusje wil heel graag de dvd van Mega Mindy, net zoals mijn nichtje. Ze zegt dan: "Ik wil ook zoiets".
- 14. De windrichting afgekort met de letter z staat voor ... .
Down
- 1. Goud is heel erg veel ... .
- 3. Ieder kind van 6 jaar gaat naar school. (ieder = ...)
- 4. Zieke mensen hebben een ... aan vitamientjes.
- 5. Mijn broer vergeet steeds opnieuw de dop op de fles te draaien. (steeds opnieuw = ...)
- 6. Mijn beste vriend woont een eindje verder in de straat. (een eindje verder = ...)
- 8. Tijdens deze moment van de dag staan we op en eten we ons ontbijt op.
- 10. Ik ... met een zaklamp in het donkere bos.
- 13. Na een korte pauze om wat te drinken, beginnen we ... aan onze training.
