Across
- 3. Het spelen van een toneelstuk of muziekstuk. Of een dans.
- 4. Oefenen voor een toneelstuk.
- 5. Het neemt de telefoon op als je niet thuis bent.
- 8. Wie je speelt in een toneelstuk.
- 9. Zo voel je je als iets spannends voorbij is.
- 10. Met een soort verf je gezicht versieren of veranderen.
- 11. De leider van een orkest.
- 13. Iets van vroeger.Je denkt er nu aan.
Down
- 1. Heel groot of heel hard.
- 2. Iemand die mooie of bijzondere dingen maakt.
- 6. Dingen die op het toneel staan.
- 7. Zeggen dat je het ergens niet mee eens bent.
- 12. Wat je kunt zien vanaf een bepaalde plek.
