Woordenschat Eskimo's

1234567891011121314151617181920
Across
  1. 4. De taal die veel Eskimo's spreken.
  2. 10. De periode in de winter in het poolgebied waarin de zon niet boven de horizon uitkomt. Het wordt overdag dus niet licht.
  3. 11. van de ene plek naar de andere gaan, en dan weer verder.
  4. 12. Een rond huis van blokken sneeuw.
  5. 13. Een bewoner van het noordpoolgebied.
  6. 14. dit is eten dat niet gekookt of gebakken is.
  7. 16. Mensen die rondtrekken zonder ergens vast te blijven wonen.
  8. 17. Een stuk land rond de Noordpool.
  9. 19. Aan elkaar plakken doordat het heel koud is.
  10. 20. Een gat in het ijs.
Down
  1. 1. De plek waar je jaagt.
  2. 2. Dit betekent 'echte mensen'. Zo noemen Eskimo's zichzelf.
  3. 3. De zon in het poolgebied die niet ondergaat in de zomer.
  4. 5. Een dagboek bijhouden op internet.
  5. 6. Een grote pijl van ijzer met haakjes eraan.
  6. 7. Een voertuig waarmee je over de sneeuw kunt rijden.
  7. 8. Een slee die door honden getrokken wordt.
  8. 9. Een soort rendier.
  9. 15. Heel erg koud. Zo koud dat je er bijna van bevriest.
  10. 18. Een kano voor één persoon.