Woordenschat hoofdstuk 5 en 6

12345678910111213141516171819202122
Across
  1. 4. failliet
  2. 6. in het volle besef van de misdaad; met kalm overleg
  3. 11. zuiniger gaan leven
  4. 17. het verval dat je ziet naarmate je iets ouder wordt
  5. 18. geneeskrachtige; helende
  6. 19. geldbedrag dat je leent om een huis te kopen; (eig.) recht op een onroerend goed als pand
  7. 22. ten einde raad door teleurstelling
Down
  1. 1. heilige
  2. 2. geleend
  3. 3. godgeleerde; deskundige in godsdienstige zaken
  4. 5. het wordt (eindelijk) begrepen
  5. 7. voorrecht
  6. 8. zonder dat iemand gered werd
  7. 9. uitspraak waarmee je bevestigt dat je in God gelooft
  8. 10. het maakt niet uit hoe je aan je geld komt, als je het maar hebt
  9. 12. helemaal; zeer terecht
  10. 13. weinig ontwikkeld
  11. 14. altijd
  12. 15. giften aan arme mensen
  13. 16. instemming
  14. 20. bedevaart
  15. 21. geldontwaarding