Woordenschat week 44

1234567891011121314
Across
  1. 2. Pas geleden
  2. 4. In de plaats komen van, wisselen
  3. 6. Zoals het in het echt is
  4. 7. Ook nog
  5. 8. Laten zien wat je kunt
  6. 10. Geen namaak
  7. 11. Over niet zo lange tijd, gauw
  8. 13. Mooi (bewegen)
Down
  1. 1. Iemand hinderlijk onderbreken bij zijn bezigheden
  2. 2. Niet zoals in de natuur
  3. 3. Laten zien dat je het ergens niet mee eens bent
  4. 5. Niet echt, namaak
  5. 6. Niet sierlijk, onaantrekkelijk
  6. 9. Zoals het in de natuur is
  7. 12. Op dit moment
  8. 14. Precies