Woordjes natuur, spelling en taal

12345678910111213141516
Across
  1. 3. De manier waarop je twee losse delen aan elkaar zet.
  2. 7. Hoe iets is (denk aan de politieagent).
  3. 8. Het tegenovergestelde van geluk. Typisch voor Donald Duck.
  4. 10. Aan het begin van een zin komt er altijd een (grote letter!).
  5. 12. Als je favoriete of eigen team scoort dan doen heel veel mensen dit.
  6. 13. Één van de uitzonderingen naast ligt en legt.
  7. 14. Het meervoud van ei.
  8. 15. Als je ergens bent waar je nog niet eerder bent geweest en je gaat vervolgens kijken hoe alles eruit ziet en waar alles is. Je bent dan aan het...
Down
  1. 1. Dit zorgt ervoor dat het wiel perfect rond is. Je hebt er 36 van in je wiel.
  2. 2. Sierlijk en een beetje deftig.
  3. 4. Als je op een dun touw loopt en je probeert je evenwicht te bewaren, dan ben je aan het...
  4. 5. Je bagagedrager is hiermee vastgemaakt. Ook je voorwiel en trappers zet je hiermee vast.
  5. 6. Alles wat door mensen is bedacht en gemaakt.
  6. 9. Als je een keuze maakt, dan heb je een be... gemaakt.
  7. 11. Dit is sterker dan een vierkant.
  8. 16. Als je in een tunnel iets roept, dan hoor je je ... o-o-o-o.