woordpakket 14

1234567891011121314151617181920
Across
  1. 4. Groot, vrijstaand huis.
  2. 7. Op dit moment is het belangrijk. Het komt veel in de actualiteit.
  3. 9. Is een aanduiding voor vlees waarin lever wordt gebruikt. Het is een mengsel zodat we het gemakkelijk kunnen smeren op bijvoorbeeld onze boterham. Een ander woord is pastei.
  4. 12. Toestel waarop je vlees , vis of groentjes kan roosteren. Meestal wordt het gebruikt in de open lucht.
  5. 14. Na aftrek van verpakking.
  6. 15. Je kan ……………………… ook een andere route kiezen. (misschien, wellicht)
  7. 18. Stuk ijzer dat alles aantrekt wat ijzer is.
  8. 19. Dik, wit, zurig melkproduct. Veel mensen eten het ’s avonds na het avondmaal of als ontbijt.
Down
  1. 1. een doel,een doelpunt
  2. 2. Een toevluchtsoord.Opvangcentrum voor dieren zonder (bekende) eigenaar.
  3. 3. Met de verpakking mee ingerekend.
  4. 5. Grote auto waarmee je op sterk terrein kan rijden. Ze gebruiken ze ook in het leger.
  5. 6. Vrouw of dochter van een baron.
  6. 8. Een adellijke titel .
  7. 10. Iemand die in dienst is bij de overheid. Bijvoorbeeld iemand die op het gemeentehuis werkt.
  8. 11. Bepaald soort olie die gebruikt wordt als brandstof.
  9. 13. een spijkerbroek
  10. 16. een langwerpig broodje met worst.
  11. 17. De laatste twee dagen van de week. Sommige mensen moeten niet werken op die twee dagen.
  12. 20. Het gewicht van de verpakking.