Across
- 1. Zacht, stil (p 242)
- 4. Een korte uitspraak met een welbepaalde boodschap. (p 204)
- 6. Schuw, schrik (p 280)
- 7. Zelfverzekerd (p 291)
- 9. Verbijsterd (p 290)
- 10. Getallenleer in de wiskunde (p 250)
Down
- 2. Iemand die graag heeft dat anderen hem seksueel bekijken. (p 323)
- 3. Slordig ,achteloos, zonder veel poespas (p 207)
- 5. Grof, vies (p 208)
- 8. Verslaving (p 240)
