MIL - deel 1 tot 4

123456789101112131415161718192021
Across
  1. 2. Soldaten van de infanterie hebben soms een bruine ... op hun hoofd.
  2. 4. ... Is de eerste werkdag na de week.
  3. 8. een ... euro is vijftig cent.
  4. 10. ... Jij in Brussel? Ja, ik ... in een appartement in Brussel.
  5. 12. Ik was vroeger getrouwd, maar nu niet meer. Nu ben ik ...
  6. 13. Hoe ... Jij? Ik ben Frank Peeters.
  7. 15. Met een potlood schrijf ik in mijn cursus en teken ik op papier.
  8. 17. Ik heet Jan Jannsens, Jannsens is mijn ...
  9. 19. Ik neem al mijn spullen mee in een ..., dat is een zak op mijn rug.
  10. 20. Het is heel ... het is maar 3 graden Celcius.
  11. 21. Het ... al de hele dag. Er is geen zon, ik word helemaal nat.
Down
  1. 1. Ik ben ..., mijn vrouw heet Pauline.
  2. 3. Ik spreek Nederlands, welke ... spreek jij?
  3. 5. Ik heb twee kinderen: één zoon en één ...
  4. 6. Het is zonnig, de zon ...
  5. 7. soldaten gebruiken een geweer om te schieten (pang pang)
  6. 9. Hoe ga jij naar huis? Ik ga te ...
  7. 11. het is bewolkt, er zijn veel wolken maar gelukkig regent het niet.
  8. 14. Ik heet Jan Jannsens, Jan is mijn ...
  9. 16. Hoe ... het met je? Goed, en met jou?
  10. 18. ... is de laatste dag van de werkweek, daarna is het weekend.