Across
- 3. matrix een overzicht met de kenmerken van een product, de voordelen hiervan en het verschil met de concurrent
- 4. de expert weten dus hij heeft gelijk
- 9. vraag die de ontvanger laat nadenken over een denkbeeldige situatie
- 11. een gespreksmodel waarbij je dmv antwoorden op bepaalde vragen reflecteert op een situatie of probleem
- 13. koopgedrag waarbij de consument heeft al enige ervaring met het aankopen van een product
- 14. marketing een vorm van marketing waarbij een bedrijf streeft naar een directe en structurele relatie met zijn klanten
- 16. vraag waarbij het antwoord al in een bepaalde richting wordt gestuurd
- 17. deze klant wil winnen en anderen aan zich onderwerpen en manipuleren
- 18. potentiele klant met wie al tweezijdige communicatie bestaat maar die nog niet tot een aankoop heeft besloten
- 19. bel van een organisatie waarmee je nog niet eerder contact mee hebt gehad met als doel een afspraak
- 22. met dit model maak je structuur aan in je verkoopgesprek. Het geeft ook alle fases van een verkoop weer
- 23. je runt zelfstandig een bedrijf, terwijl je profiteert van de voordelen van een grote organisatie
- 24. deze persoon is verantwoordelijk voor de theorie waarbij ieder mens eerste bepaalde behoeften heeft voordat hij ruimte heeft om de volgende fase te realiseren
Down
- 1. argumentatietechniek bestaat uit 3 letters
- 2. prospect potentiele klant die bereid is te kopen
- 5. je vraagt met deze vraag naar de gevolgen van het voortduren van een probleem
- 6. tijdens een klantgesprek van meer open naar meer gerichte en gesloten vragen gaan
- 7. indeling van klanten op basis van gedrag
- 8. vraag vraag waarbij de ontvanger moet kiezen uit een beperkt aantal antwoordmogelijkheden
- 10. een schema waarin de eigenschappen, voordelen en nadelen van een product met elkaar worden gecombineerd
- 12. een prospect die te kennen heeft gegeven dat hij op korte termijn geen zaken met je wenst te doen
- 15. verantwoordelijk voor het binnenhalen van nieuwe klanten en onderhouden van contacten met bestaande klanten
- 16. gespreksmodel dat gebaseerd is op het stellen van verschillende soort vragen
- 20. koopcentrum
- 21. schematische weergave van suspect naar trouwe klant
