Across
- 4. Het verkleinwoord van opa.
- 6. Een grote ontploffing noem je ook wel een ...
- 8. Op 25 en 26 december vieren we ...
- 9. Het verkleinwoord van radio.
- 10. De taal die ze in Engeland spreken is ...
- 11. Hij ... (beantwoorden tijd van toen) de vraag fout.
- 15. Iemand die uit China komt noem je een ...
- 16. Ik ... (beleven tijd van toen) mijn droom alsof het echt gebeurde.
- 18. Het verkleinwoord van tekening.
- 21. Alle kinderen uit de klas ... mij met mijn verjaardag.
- 23. Hij ... (raden tijd van nu) het antwoord op de vraag niet.
- 24. Het verkleinwoord van blad.
- 25. Voordat we aan het werk gaan krijgen we meestal eerst een ...
- 28. Het verkleinwoord van buiging.
- 29. Het verkleinwoord van auto.
- 30. Mensen uit Limburg praten met een Limburgs ...
- 31. De feestvierders ... (feesten tijd van nu) de hele nacht.
- 32. De helft van iets noem je ook wel 50 ...
Down
- 1. De bouwvakkers ... (bouwen tijd van nu) de garage naast het huis.
- 2. Het verkleinwoord van glas.
- 3. Het verkleinwoord van woning.
- 5. Bij de voorstelling ... (verkleden tijd van toen) wij ons als clown.
- 7. Het verkleinwoord van vriendin.
- 12. Iets dat op een vast moment terugkeert is een ...
- 13. Het verkleinwoord van bril.
- 14. De man die de baas is in de keuken heet de ...kok
- 15. Wij zitten met groep 6 en 7 samen, dat heet een ...groep
- 16. Zij ...(bestellen tijd van toen) meer dan dat ze op konden.
- 17. Iemand die uit Belgiƫ komt noem je een ...
- 19. Ik ...(betalen tijd van nu) bijna altijd met mijn pinpas.
- 20. Muziekinstrument met snaren dat tussen je benen op de grond staat
- 22. De clowns en acrobaten treden op in de ...
- 26. De muts van je jas heet ook wel een ...
- 27. Hij ... (zien tijd van nu) niet zo goed zonder bril.
